Missie, visie en positionering 

Onze missie

Woonzorg Nederland is de grootste landelijke speler in de seniorenhuisvesting. Wij richten ons specifiek op de huisvesting van ouderen en mensen met een zorgvraag. Onze belangrijkste doelgroep zijn mensen boven de pensioengerechtigde leeftijd die in aanmerking komen voor een sociale huurwoning. In 2019 huisvestten we circa 30.469 huishoudens in een zelfstandige woning en nog eens 12.405 eenheden in een intramuraal zorggebouw. Dat doen wij in 175 gemeenten; met 136 daarvan hebben wij prestatieafspraken. Het grootste deel van onze bewoners is 65-plusser; de gemiddelde leeftijd lag in 2019 net boven de 75 jaar.

We zien het als onze maatschappelijke plicht en missie om de seniorenhuisvesting in Nederland op een hoger plan te tillen. We doen dat samen met onze partners in wonen, zorg en dienstverlening. En vanuit een duidelijke visie op hoe ouderen nu en in de toekomst willen wonen. Daarvoor werken we voortdurend aan de verbetering, transformatie en innovatie van onze woonproducten en -diensten. Insteek van de woonformules is het wonen en leven: onze bewoners willen zelf hun leven in kunnen richten, ook als ze ouder worden, de mobiliteit afneemt en/of de behoefte aan zorg zich manifesteert.

 

2019

2018

2017

Woningen

30.469

30.699

30.517

Intramurale eenheden

12.405

12.448

12.815

Zakelijke huurders

230

178

179

Gemeenten

175

171

182

Gemeenten met prestatieafspraken

136

135

143

Focusgemeenten

51

31

-

Focusgemeenten met prestatieafspraken

43

24

-

Tabel 1: portefeuille Woonzorg Nederland

Onze visie op de vergrijzing

Het aantal ouderen groeit de komende decennia nog fors. In 2035 is één van de vier inwoners van Nederland ouder dan 65 jaar. Van de 65-plussers is één op de drie ouder dan 80 jaar. Naast deze getalsmatige toename zijn in de vergrijzing ook kwalitatieve veranderingen waarneembaar.

  • De ouderen die nu de seniorenhuisvesting instromen, zijn mondiger, kritischer, vitaler en digitaal vaardiger dan de traditionele bewoners daarvan. Zij stellen andere eisen aan hun huisvesting en nemen daar zelf initiatieven in. Eigen regie staat daarbij hoog in het vaandel.

  • De verschillen worden groter, ook tussen ouderen. Met de stijgende kosten en krapte op de arbeidsmarkt neemt de kwetsbaarheid van ouderen die het niet breed hebben – de doelgroep van Woonzorg Nederland – toe. Het is verre van vanzelfsprekend dat zij langer voor zichzelf en elkaar kunnen blijven zorgen. Daarnaast nemen ook de verschillen in leefstijl tussen groepen ouderen toe.

In het Nederlandse beleid voor de seniorenhuisvesting domineert al jaren de gedachte dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig thuis moeten blijven wonen. Woonzorg Nederland onderschrijft deze gedachte, maar wijst er wel op dat ‘thuis wonen’ om een geschikte woonomgeving en woning vraagt. Het thuis blijven wonen in de woning waarin de kinderen zijn opgegroeid, voldoet daar niet altijd aan. In dat geval kunnen risico’s en problemen ontstaan, zoals valongelukken thuis, vereenzaming en een inefficiënt gebruik van de woningvoorraad omdat ouderen in een voor hen ongeschikte woning wonen.

Woonzorg Nederland pleit voor geschikte woonformules die de seniorenhuisvesting op een hoger plan tillen en het gapende gat tussen de eengezinswoning en het verpleeghuis overbruggen. Deze formules bieden een goed en geschikt huis waar senioren ‘samen zelfstandig wonen met een plus’: een geborgen en veilige woonsituatie waar het wonen en leven centraal staat. Mensen bewonen een ‘eigen’ woning, met ruimte in en om het pand om mensen te ontmoeten en activiteiten te ontplooien, ook als hun mobiliteit afneemt, oude sociale banden wegvallen en er op enig moment zorg nodig is. Hierdoor wordt de kans dat mensen vereenzamen aanzienlijk kleiner en dat ze elkaar gaan helpen aanzienlijk groter. Met deze woonvormen voldoen wij aan onze belofte dat mensen ‘thuis’ kunnen wonen en langer zelf de regie kunnen voeren.

Vernieuwende woonformules

Woonformules die passen in de bovenstaande visie moeten in de optiek van Woonzorg Nederland voldoen aan een aantal randvoorwaarden, waarvan veiligheid en het (kunnen) ontstaan van een gemeenschap cruciaal zijn. Onze complexen:

  • bieden een thuis met veel persoonlijke aandacht voor de bewoners door onze bewonersconsulenten;

  • bieden daar waar er behoefte aan is ruimte aan functies die een verbinding leggen met de buurt of wijk;

  • zijn toegankelijk;

  • hebben een ontmoetingsruimte, herbergen functies waarmee ontmoetingen worden gefaciliteerd of hebben in de omgeving een buurtontmoetingsruimte;

  • zijn veilig (fysiek en sociaal).

Bij onze inspanningen om de beloften van het ‘samen zelfstandig wonen met een plus’ optimaal te kunnen waarmaken, stuiten wij in de praktijk op belemmeringen in de Woningwet. Deze hebben wij in 2019 aan de orde gesteld bij het ministerie van BZK, samen met onze collega-corporaties Stadgenoot en Habion. Daarnaast hebben wij ‘binnenshuis’ onder meer gewerkt aan het verder verbeteren van de veiligheid van onze complexen, het verhogen van de efficiëntie van het werken van de bewonersconsulenten en de doorontwikkeling van het ‘samen zelfstandig wonen met een plus’ in een aantal woonformules (zie par. 4.5).

Zorgvastgoed

Naast de vraag naar collectieve woonvormen groeit ook de behoefte aan zorgvastgoed waar (complexe) zware zorg geleverd kan worden. Het aantal senioren dat niet meer alleen thuis kan wonen groeit. Steeds meer senioren die het thuis eigenlijk niet meer redden, moeten lang wachten op een plek in een verpleeghuis, vanwege een tekort aan geschikte woonvormen en aan verpleegkundigen. Dit leidt tot schrijnende situaties en een grote druk op mantelzorgers. Momenteel zijn er in Nederland zo’n 116.000 zorgvastgoed eenheden geschikt voor zware zorg  en is er een snel groeiende wachtlijst met eind 2019 bijna 20.000 mensen. Gelet op de vergrijzing zal dit aantal significant moeten groeien. De groei bedraagt ergens tussen de 18.000 en 122.000 eenheden. In de markt zien we echter dat de nieuwbouw van zorgvastgoed voor zware zorg stagneert. De kort-cyclische financiering van zorgplekken versus de langdurige exploitatie van vastgoed maakt het moeilijk om tot een voor iedereen goede business case te komen. Dit leidt bij zorgpartijen tot onzekerheid. Wij ervaren hierdoor in de praktijk dat nieuwe initiatieven moeilijk zijn ‘rond te rekenen’ en veelvuldig terug naar de teken- en rekentafel moeten. Daarnaast is het onvoldoende duidelijk wat een acceptabele zorgplek is, hoe deze op lange termijn gefinancierd wordt en hoe dit vertaald kan worden in een rendabele exploitatie voor de aanbieder van nieuw vastgoed. Ook zien veel gemeenten de urgentie van deze opgave (nog) niet: vaak ontbreekt een visie op dit onderwerp en staan weinig zorglocaties en/of woonzorgvoorzieningen in bestemmingsplannen.

Behoefte aan standaardisering en labeling

Om de impasse in het zorgvastgoed te doorbreken, is er in onze ogen een standaardisering nodig van het ontwerp van zorgvastgoed en de financiering daarvan. Wat is een fatsoenlijk eisenpakket waaraan zorgvastgoed moet voldoen en welke fatsoenlijke prijs hoort daar bij? Dit zou het proces rond nieuwbouwprojecten aanzienlijk kunnen vereenvoudigen.

Om de gewenste ontwikkeling van collectieve woonvormen te stimuleren, heeft Woonzorg Nederland in 2019 samen met collega-corporaties Stadgenoot en Habion gepleit voor de introductie van een specifiek label voor collectieve woonvormen. De Woningwet werpt op dit moment obstakels op bij onder meer het realiseren van ontmoetingsruimtes, het vestigen van functies in de plint van woongebouwen en het kunnen huisvesten van senioren die sterk geholpen zouden zijn met een collectieve woonvorm, maar daar moeilijk voor in aanmerking komen omdat ze (net) niet voldoen aan de regelgeving rond toewijzing en huurtoeslag. In complexen met het bepleite label zou er dan, uiteraard in de geest van de woningwet, flexibeler kunnen worden omgegaan met deze regels. Dit zou het op een hoger plan tillen van de seniorenhuisvesting zeer stimuleren.

Op beide gebieden – standaardisering en labeling – blijven wij in 2020 onze constructieve bijdrage leveren via onze deelname aan de Taskforce Wonen en Zorg en andere netwerken en allianties waarin we samen werken aan vernieuwing van de seniorenhuisvesting.